Lagetemperatuurverwarming: kunnen mijn radiatoren dat aan?
Lagetemperatuurverwarming betekent dat het water dat naar je radiatoren gaat 30 tot 55 graden is in plaats van 70 tot 80. Dat vraagt een groter afgifteoppervlak, en daar zit het misverstand: dat hoeft niet per se vloerverwarming te zijn. Bestaande radiatoren kunnen geschikt zijn als ze genoeg platen en lamellen hebben — en dat is te beoordelen voordat je iets vervangt.
Door Ömer Yildiz, Installateur en eigenaar
Wat 'lage temperatuur' precies betekent
Een cv-ketel levert van oudsher water van rond de 70 tot 80 graden. Milieu Centraal beschrijft het alternatief zo: een goed geïsoleerd huis kun je ook warm krijgen met een watertemperatuur van 30 tot 55 graden — de temperatuur die een warmtepomp levert.
De natuurkunde erachter is eenvoudig. Hoeveel warmte een radiator afgeeft, hangt af van twee dingen: het temperatuurverschil met de kamer, en het oppervlak. Halveer je het temperatuurverschil, dan moet het oppervlak omhoog om dezelfde warmte te leveren.
Vandaar dat vloerverwarming zo goed bij LTV past: een hele vloer is een enorm oppervlak. Maar het is niet de enige oplossing, en dat is waar de meeste adviezen te kort door de bocht gaan.
Hoe je beoordeelt of jouw radiatoren het aankunnen
Radiatoren verschillen enorm in afgiftevermogen bij gelijke afmetingen, en dat zie je aan de opbouw. Dit is met een blik en een rolmaat te beoordelen.
TEL DE PLATEN. Kijk van bovenaf in de radiator. Zie je één plaat, dan is het een enkele; twee platen achter elkaar is een dubbele, drie een driedubbele. Elke extra plaat verdubbelt ruwweg het beschikbare oppervlak.
KIJK NAAR DE LAMELLEN. Tussen de platen zitten vaak geplooide metalen stroken. Die vergroten het oppervlak enorm zonder dat de radiator groter wordt. Een dubbele radiator met twee sets lamellen — vaak aangeduid als type 22 — geeft veel meer af dan een enkele plaat van dezelfde maat.
METEN. Noteer hoogte en lengte van elke radiator plus het type. Met die gegevens is uit te rekenen wat hij bij 45 of 55 graden nog levert, en of dat genoeg is voor die kamer.
De uitkomst is meestal gemengd: een deel van de radiatoren is ruim genoeg, een deel niet. Dan vervang je die paar in plaats van het hele systeem — en dat is een wezenlijk andere investering dan een vloer openbreken.
Waarom inregelen bij lage temperatuur geen luxe meer is
Bij 80 graden is er marge. Een radiator die te weinig doorstroming krijgt, wordt uiteindelijk toch warm — het duurt alleen langer, en de radiator dicht bij de ketel wordt intussen te heet.
Bij 45 graden is die marge weg. Wat er aan warmte binnenkomt, is precies wat de kamer nodig heeft, en als een deel daarvan naar de verkeerde radiator gaat komt de verste kamer simpelweg niet op temperatuur.
Het gevolg is een klacht die structureel verkeerd wordt gediagnosticeerd: 'de warmtepomp is te klein'. In veel gevallen mankeert het toestel niets en gaat het water gewoon de verkeerde kant op. Dat is precies wat waterzijdig inregelen oplost.
Daarom is de volgorde bij een overstap: eerst inregelen en meten wat er per kamer aankomt, dan pas beslissen welke radiatoren vervangen moeten. Andersom vervang je radiatoren die het bij een goede verdeling prima hadden gedaan.
Ook zonder warmtepomp is dit de moeite waard
Hier zit de winst die vrijwel iedereen laat liggen: LTV is niet voorbehouden aan warmtepompen. Een HR-ketel wordt er ook zuiniger van.
Een HR-toestel haalt zijn rendement uit condensatie van de waterdamp in de rookgassen, en dat lukt beter naarmate het retourwater kouder terugkomt. Stook je op 80 graden, dan komt het water te warm terug en condenseert hij nauwelijks — je betaalt voor een HR-ketel en krijgt de prestaties van een oudere generatie.
Verlaag je de aanvoertemperatuur stapsgewijs — 80 naar 70 naar 60 — en controleer je per stap of alle kamers nog warm worden, dan beweeg je richting LTV zonder één ingreep aan de installatie. Milieu Centraal noemt 50 of 60 graden vaak voldoende in een redelijk tot goed geïsoleerd huis.
Werkt dat niet, dan weet je meteen iets waardevols: je installatie is niet in balans, of de isolatie is de beperking. Beide zijn nuttiger om te weten dan een ketel die op 80 graden staat omdat hij daar ooit is neergezet.
De volgorde die geld bespaart
Wie in één keer alles wil aanpakken, betaalt voor stappen die niet nodig blijken. Deze volgorde is goedkoper en levert onderweg informatie op.
- Verlaag de aanvoertemperatuur van je ketel stapsgewijs en kijk hoe ver je komt voordat een kamer achterblijft. Dit kost niets.
- Blijft er een kamer achter, laat dan eerst waterzijdig inregelen. In een deel van de gevallen is dat het hele probleem.
- Meet daarna opnieuw hoe laag je kunt. Nu weet je wat je installatie werkelijk aankan.
- Blijft er dan nog een kamer achter, dan is die radiator te klein. Vervang die ene door een type met meer platen en lamellen — meestal past dat op dezelfde aansluitingen.
- Pas als dat allemaal is gedaan, is de vraag naar een ander verwarmingssysteem zinnig. Dan weet je bovendien precies wat voor aanvoertemperatuur je woning nodig heeft, en dat is de belangrijkste invoer voor die keuze.
Vragen die we hierover vaak krijgen
Wat is lagetemperatuurverwarming precies?
Verwarmen met water van 30 tot 55 graden in plaats van 70 tot 80. Milieu Centraal noemt dat de temperatuur die een warmtepomp levert. Omdat het temperatuurverschil met de kamer kleiner is, is er meer afgifteoppervlak nodig — vandaar dat vloerverwarming er goed bij past.
Moet ik vloerverwarming hebben voor lage temperatuur?
Nee. Bestaande radiatoren kunnen geschikt zijn als ze genoeg platen en lamellen hebben. Kijk van bovenaf in de radiator: één, twee of drie platen, en of er geplooide lamellen tussen zitten. Een dubbele radiator met twee sets lamellen geeft veel meer af dan een enkele plaat van dezelfde maat.
Mijn warmtepomp krijgt één kamer niet warm. Is hij te klein?
Vaak niet. Bij lage aanvoertemperatuur is er geen marge meer, dus een scheve waterverdeling wordt meteen zichtbaar — terwijl een cv-ketel op 80 graden dat maskeerde. Laat eerst waterzijdig inregelen en meet dan opnieuw. In veel gevallen mankeert het toestel niets.
Heeft dit zin als ik gewoon een cv-ketel heb?
Zeker. Een HR-ketel condenseert beter naarmate het retourwater kouder terugkomt, dus een lagere aanvoertemperatuur verhoogt zijn rendement. Verlaag stapsgewijs van 80 naar 70 naar 60 en controleer per stap of alle kamers nog warm worden. Milieu Centraal noemt 50 of 60 graden vaak voldoende bij redelijke tot goede isolatie.
Wat doen jullie hier wel en niet in?
Het waterzijdige deel is ons werk: inregelen, radiatoren beoordelen en vervangen, en leidingwerk. Warmtepompen zelf leveren of installeren doen we niet. Bij een overstap zijn wij dus de partij die je installatie geschikt maakt, niet de partij die het toestel plaatst.
Waar dit op gebaseerd is
Milieu CentraalLagetemperatuurverwarming
een goed geïsoleerd huis kun je ook warm krijgen met een watertemperatuur van 30 tot 55 graden: de temperatuur die een warmtepomp levert
Geraadpleegd op
Milieu CentraalCv-ketel onderhoud en instelling
Een cv-ketel die al wat ouder is moet jaarlijks worden schoongemaakt en nagekeken door een CO-vrij-gecertificeerd installateur. Bij moderne ketels, en in overleg met je installateur, is eens per 2 jaar voldoende.
Geraadpleegd op
Verder gebaseerd op
- Wat een specifieke radiator bij een bepaalde aanvoertemperatuur levert, staat in de opgave van de fabrikant; type en afmeting zijn daarvoor het uitgangspunt.
Kom je er niet uit?
Bel even. Vaak is aan de telefoon al duidelijk wat er speelt.
